Hypnose binnen NLP


NLP omvat vele technieken en gedragingen, waar hypnose er één van is. Veel van de NLP technieken kan je gebruiken op een uitgeklede manier (gestalts achterwege laten) en in een andere, rustige vorm (als een één-op-één gesprek). Dat geeft je meer flexibiliteit omdat je meer mogelijkheden hebt.

Zelfs in een professionele omgeving of voor een groep kan je deze manier van communicatie gebruiken, alhoewel je dan misschien beter niet kan zeggen “Kom, we gaan even onder hypnose”. Wanneer je echter iets zegt als “We gaan even een oefening doen met je ogen dicht” dan zal je veel minder weerstand ervaren.

En weerstand is wat je voorbij wilt gaan, dat is de crux. In trance je laten leiden maakt dat je meer ontvankelijk bent voor de juiste (en passende) suggesties, tot wel een factor 25 ten opzichte van een rationeel en bewust gesprek. Het gaat om bereidheid, bereidheid bijvoorbeeld om te luisteren, wat je onder de oppervlakte test door bijvoorbeeld te vragen om de ogen te sluiten.

Hypnose en trance

Trance is de gemoedstoestand (stemming, staat) waarin hypnose plaatsvindt. Eigenlijk is hypnose enkel een nominalisatie van het actieve proces van hypnotiseren, waarbij iemand gericht in een trancestaat gaat, in die trancestaat iets doet (visualisatie, nadenken, luisteren, overwegen, wat dan ook), en vervolgens de trancestaat weer verlaat. Trance is een toestand die iedereen een paar keer per dag meemaakt. Bijvoorbeeld wanneer je op weg bent naar huis, en je ontdekt dat je er ineens al bent. Trance is een normaal iets en ook nog eens ontspannend.

Er zijn verschillende manieren om iemand in trance te laten gaan: direct, autoritair (oude methode), de Milton-Erickson methode en de Ellman-methode (combinatie Milton en oud).

Feiten

• Er is geen algemeen geaccepteerde definitie van wat hypnose is.
• Hypnose heeft geen invloed op je kracht, je slimheid of zintuiglijke receptie.
• Ontspanning is niet noodzakelijk. Ogen dicht is niet noodzakelijk.
• Veel mensen herkennen hypnose niet als zodanig.
• De hypnotiseur of de techniek zijn niet van doorslaggevend belang, de gehypnotiseerde bepaalt het succes.
• In plaats van verbeterde toegang tot herinneringen, zou het zo kunnen zijn dat de grens tussen fantasie en herinnering onduidelijker wordt.
• De gehypnotiseerde blijft altijd in controle. Morele standaarden (de echt persoonlijke, niet de sociale) blijven intact. Je kan dus nooit verleid worden tot dingen die je echt niet wilt.
• De meeste mensen herinneren zich precies wat er tijdens een sessie is gebeurd.
• Hypnose is net zo veilig als TV kijken (wat ook vaak in trance gebeurd).

Herkennen van trance

Trance herken je aan een aantal van deze kenmerken, die per persoon verschillend zijn (kalibreren):
• Ontspanning in het gezicht.
• Langzaam wordende reflexen als oogbewegingen, slikken en ademen.
• Verandering van stem.
• Lichaam is minder bewegelijk, catalepsie (verstijven/onbeweeglijkheid van ledenmaten).
• Langzamer polsslag.
• Na trance het opnieuw oriënteren in de omgeving.

Oefening Perifere visie

Zoek een punt recht voor je, net boven oogniveau, zodat je ogen iets naar boven zijn gericht. Concentreer je op dat punt. Leg je focus en aandacht gedurende 10 seconden compleet op dit punt.
Dit is je (gerichte) focale visie.

Na die 10 seconden, breng je 2 vingers met gestrekte arm zodanig in je gezichtsveld dat ze net onder het focuspunt omhoog wijzen. Terwijl je ogen gericht blijven op het focuspunt, spreid je langzaam je armen, en richt je je blik (ZONDER JE OGEN TE BEWEGEN; die blijven gericht op het focuspunt) op je vingers. Kijk maar eens hoe ver je jouw armen kan spreiden terwijl jij je vingers kan blijven zien.
Dit is je perifere visie.

Iemand (of jezelf) naar perifere visie brengen is een eerste stap naar trance.

Niveau’s van Hypnose

LeCron (1964) heeft in 1964 een indeling gemaakt van 6 niveau’s van hypnosediepte (van licht naar diep):
1 lethargie: ontspanning, oogcatalepsie
2 catalepsie (verstijven, zwaar worden) van spieren, gevoel van zwaarte of zweven, lichaamscatalepsie, levitatie
3 hypnotisch rapport: reuk en smaak veranderen, blokkeren van nummers en letters
4 amnesie: verdovende handschoen, analgesie (gevoelloos voor pijn), automatische bewegingen
5 positieve hallucinaties: visueel en auditief, bizarre post-hypnotische suggesties
6 anesthesie (geen gevoel): negatieve hallucinaties, comateuze staat

Hypnotisch rapport is de staat waarin de persoon alleen de hypnotiseur hoort en ziet. Niveau 4 (Amnesie) is belangrijk voor het geven van post-hypnotische suggesties. Diepe trance begint bij niveau 5. Slaapwandelen is niveau 6.

Aandachtspunten van een sessie

• Gebruik stoelen zonder leuning om te zorgen dat iemand niet te ver weg kan zakken. Alleen voor ontspanning mag iemand liggen.
• Vermijd negatieve suggesties (je kan je ogen niet openen). Gebruik positieve suggesties (je probeert je ogen te openen en hoe harder je probeert hoe sterker ze sluiten, probeer maar en ervaar hoe ze sterker sluiten)
• Muziekinstallatie voor achtergrondgeluid, bijna onhoorbaar, golvende seconden laten de trance vergemakkelijken
• Ga eerst zelf in lichte trance
• Maak gebruik van wat er gebeurt en blijf positief bevestigen (heel goed, zo ja)
• Let op de ademhaling, en maak er gebruik van (utilisation)
• Gebruik correcte feiten, en de exacte woorden (back-tracken)
• Al is iemand in trance, elk gebaar (en rapport) zijn voelbaar
• Muziek ideaal: 45 tot 60 bpm (hartslag) of 4 tot 6 bpm (ademhaling)
• Ritme: 45 tot 60 woorden per minuut, vibrato (knikkend hoofd)
• Maximale duur van een sessie is rond de 20 minuten

Positieve algemeenheden die in trance gaan ondersteunen

• In rapport zijn, dus ook zelf in lichte trance gaan,
• “Heel goed” en “Zo ja”
• “Je bent een heel mooi mens”
• “Je hebt alle hulpbronnen in je”
• “Je kunt veranderen”
• “Je kunt in trance”

7 stappen van een hypnosesessie

1) Voorbereiding
2) Inductie
3) Yes-set, toch? Ga van Pacing naar Leading.
4) Verdiepen van de ontspanning
5) Boodschap, het middenstuk
6) Post-hypnotische suggestie
7) Terugkeer

1. Voorbereiding

Vooraf hou je een interview, om te bepalen wat de ander wil bereiken. Gebruik wat je nodig hebt: Meta-model, coachmodel etc. Let op het exacte woordgebruik, zodat je later dezelfde belangrijke AD-labels kan gebruiken. Match en Pace.

Wanneer je globaal weet wat je gaat doen, geef jij jezelf ruimte om een script voor te bereiden, en de omgeving voor te bereiden.

2. Inductie

Doel van de inductie is om de persoon een eerste trance te laten ervaren, en de ogen te laten sluiten, zodat je kunt communiceren met het onbewuste. Ga zelf ook in trance. Bereid de inductie voor met suggesties als:
Het is niet zo… dat ik wil…
– dat je in trance gaat…
– dat je suggesties volgt…
– dat je luistert naar wat ik zeg…
nog niet…
of
Het is nog te vroeg… om al te zeggen…
– luister naar mijn stem…
– ga diep in trance…
– ontspan je als nooit tevoren…
nu al…

Voorbeelden van methoden van inductie zijn:

Volg de hand
Ga tegenover elkaar zitten. Kijk elkaar aan in het linkeroog (“je hypnose-oog”). Steek je rechterhand vooruit, en laat de persoon met zijn linkerhand jouw rechterhand volgen, zonder dat de handen elkaar raken, en terwijl je elkaar blijft aankijken in het linkeroog. Ga ondertussen zelf in een lichte trance.
Wolkje ontspanning
Stel je een wolkje voor, een wolkje vol warme ontspanning. Langzaam drijft het jouw kant op, en zakt het over je heen, zodat je naar binnen keert… en ontspant… en je ogen sluit…
Zweven
Stel je voor dat je zweeft…in water of in lucht…warm en comfortabel… en dat je ontspant… en je ogen sluit…
Ballon en steen
Ga tegenover elkaar zitten. Kijk elkaar aan in het linkeroog (“je hypnose-oog”). Laat de persoon 2 handen uitsteken. Terwijl je elkaar zo blijft aankijken (dit dwingt de persoon in perifere visie) vraag je de persoon zich voor te stellen hoe aan de linkerhand een ballon met helium vastgemaakt wordt, en in de rechterhand een steen wordt gelegd. Milton-patronen bevestigen links licht en omhoog, rechts zwaarder en omlaag. Wanneer je ziet dat de handen bewegen, bevestig dit en geef betekenis, en suggereer de ogen te sluiten om beter te voelen hoe licht links is en hoe zwaar rechts.

3. Pacing naar Leading

Gebruik een yes-set, om van Pacing naar Leading te gaan:
{OBSERVATIE}, {OBSERVATIE}, {OBSERVATIE} en {SUGGESTIE}, toch?

Bijvoorbeeld:
En terwijl je daar zo zit… met je ogen gesloten… terwijl je luistert naar mijn stem… kan je doen wat ik zeg… toch…?

Met de gedachten die je hebt… de gevoelens die je voelt… de geluiden die je hoort… kan je verder ontspannen… toch…?

Het gevoel van je gesloten ogen… het geluid van mijn stem… zittend in je stoel… kan je dieper… toch…?

4. Verdiepen van de ontspanning

Het doel van het verdiepen is om te komen tot een diepere trance. Gebruik Milton patronen gericht op verdieping en meer ontspanning. Voorbeelden van verdiepen zijn:
Spiergroepen
Doorloop systematisch (van boven naar onder of andersom) het lichaam van de persoon, en laat de persoon de individuele spiergroepen eerst aanspannen, en vervolgens ontspannen. Suggereer dat er meer ontspanning en rust achterblijft.
Stromen
Voel de energie stromen… van boven naar beneden… door je voeten naar de grond… en voel hoe fijn sterrenstof… meestroomt door je lichaam… van boven naar beneden… en misschien merk je… hoe de sterrenstof… alles wat je niet nodig hebt… meeneemt…
Ademhaling
[Net voor een ademteug] Adem in… [Wacht op uitademen] En adem uit… En misschien merk je… hoe je ademt… in… en uit… zonder dat je… iets hoeft… te veranderen…
Trap of lift
Neem de persoon mee, dieper, door traptredes of verdiepingen te tellen en verdieping te suggereren.
Fysiek
– En voel hoe je net iets meer ontspant elke keer wanneer je uitademt
– Persoon zittend, armen ontspannen, hand liggend: “misschien merk je wel… dat terwijl je inademt…, je armen en handen… lichter voelen…”
– Misschien wordt jij je wel bewust, dat de ontspanning verdiept wanneer je inademt… en dat de ontspanning verspreidt wanneer je uitademt.
Cataleptische hand
Preframe: “Ik ga je zo aanraken en je hand optillen, terwijl je ontspannen blijft.”. Pak een hand vast en breng deze omhoog. Let op dat het een ontspannen arm moet zijn (let op het gewicht). Op het gewenste punt, preframe: “Hou je arm zo… stil… heel goed…”.
Langzaam loslaten en contact verbreken. De hand zal stil blijven hangen.

5. Boodschap

Ontwerp een boodschap die symbool staat voor hetgeen je wilt overbrengen. Gebruik symboliek, metaforen, beschrijf in VAKOG, bedenk ankers. Werk van detail naar globaal (veters naar schoenen, andersom kan mismatch geven). Gebruik bijvoeglijke naamwoorden die van zichzelf of voor de persoon betekenisvol zijn. (mooi, schitterend, hoog, diep, laag, groot, klein) Voorbeeld metaforen:
Huis doorlopen
Beschrijf hoe je een huis doorloopt. Wandel van kamer naar kamer. Ruim eens op, maak eens schoon, gooi maar weg, doe de gordijnen open, zet een raam open voor frisse lucht, kachel lekker aan, etc. (verdieping, groot, ruim, rust, inspirerend, warm, behaaglijk, klein, veilig, ….)
Bergwandeling
Beschrijf een wandeling over een kronkelpaadje, bergopwaarts, bos, openvlakte. (boom, zon, kabbelend, uitzicht, zandpad, rots, waterval). Op de top van de berg staat een tempel. Je gaat naar binnen en ziet daar een wijze zitten. Neem de tijd en stel alle vragen die je hebt. Alternatief: je ziet een gat in een boom, stap er doorheen…
De jas
Begin met het uitrekken van je oude jas, maak een wandeling en kom terug. Onderzoek je jas (de kleur, merk op hoe fris, merk op hoe nieuw, zacht, mooi, beschermend, vrijheid in beweging, comfortabel, handige zakken met alles wat je nodig hebt, …. ), of zoek een nieuwe jas uit, trek de jas van keuze aan.

In de metafoor kun je thema´s verweven als:
Het onbewuste laten zoeken naar positieve ervaringen en hulpbronnen.
Herkaderen van de positieve intentie van het probleem,
Scheiden van gedrag van intentie,
Laten zien van excellentie, verborgen talenten.
Of….

6. Post-hypnotische suggestie

Zo met 1 zal je jou ogen openen en….

Voorbeelden van post-hypnotische suggesties:
…. je zal voelen dat het anders is…
…..sprankelend van energie ga je doen wat je van plan was…
…..uitgerust en ontspannen en veilig…
…..je kunt straks je ogen open doen, terwijl je weet dat je de volgende keer als je weer in trance gaat, je weer dieper en gemakkelijker in trance gaat…
…..ik weet niet hoe snel jij verandert, ik weet alleen dat je in het verleden bent veranderd en dat jou onbewuste weet hoe het met veranderingen omgaat die het beste zijn voor jou en in hoogste belang van jou dienen. Ik weet niet hoe of wanneer je het merkt, nu of later in de toekomst dat je gemakkelijk de verandering in nieuw gedrag laat zien…
…..hoe goed zou je voelen als je merkt dat je veranderd bent…..
…..hoe plezierig verrast zul je zijn als je straks merkt dat je gemakkelijk kan veranderen….

7. Terugkeer

Geef de persoon de suggestie terug te komen in het hier en nu. Het terugkeren doet de persoon zelf in eigen tempo terug naar een bewuste staat. Hij/zij kan de aandacht weer naar buiten richten en kan ervaren wat er om hem/haar heen gebeurd.

Zo met 1 word je weer wakker. Ik tel van 3 tot 1…
3… wiebel met je tenen…
2…Haal maar eens diep adem…
1…Open je ogen…
Voel wat je voelt…, ervaar wat je ervaart…

Of:
Wanneer jij zover bent, voel dan weer de stoel waar je in zit, voel je voeten op de grond en voel rustig de beweging in je benen… de beweging in je armen… de beweging door je lijf en wanneer jij zover bent… open je ogen…

Of:
En dan, wanneer je er aan toe bent, beweeg jij je vingers en je tenen, je rekt je eens lekker uit en doet je ogen open.

Oefening Cataleptische hand

A Act
B Be

A leidt, B ondergaat:

B bedenkt iets dat deze anders zou willen doen. B benoemt een AD label voor het huidige, en een AD label voor het gewenste.

A geeft preframe: “Ik ga je zo aanraken en je hand optillen, naar [AD label huidig], terwijl je ontspannen blijft.”. A pakt een hand van B en brengt deze omhoog (let op dat het een ontspannen arm moet zijn, let op het gewicht).

Op het gewenste punt geeft A het preframe: “Hou je arm zo… stil… heel goed…”. A laat ondertussen langzaam los en verbreekt het fysieke contact. De hand zal stil blijven hangen.

A geeft betekenis aan B: “Je onbewuste weet hoe jij van [AD label huidig] naar [AD label gewenst] kan komen. Je hand in de hoogte staat voor [AD label huidig]. Je hand naar beneden staat voor [AD label gewenst]. Je onbewuste zal je laten merken dat het de noodzakelijke dingen doet om van [AD label huidig] naar [AD label gewenst] te komen, door eerst je arm zwaarder te laten worden, als teken dat je onbewuste naar [AD label gewenst] wil gaan, en vervolgens je arm te laten zakken naar [AD label gewenst], in precies het tempo dat nodig is om de verandering naar [AD label gewenst] te integreren.

A bevestig de zwaarte en beweging op basis van BMIR’s. Benadruk “precies het tempo dat nodig is”, “steeds dichterbij [AD label gewenst]”, “heel goed”.

Tijdens het zakken zegt A: “En zo meteen zal je hand landen, in [AD label gewenst], en onbewust heb je dan alles gedaan wat nodig is, alles wat nodig is naar [AD label gewenst], precies in het tempo dat je hand aangeeft.

A, na de landing: “Voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart.”

Oefening sessie

Maak groepjes van 2. Interview elkaar, en ontwerp globaal een sessie.

Individueel: werk het script uit, op papier, in detail. Plan alle 7 stappen, werk ze uit op papier.

  • Voorbereiding: bepaal wat je nodig hebt

  • Kies een methode van inductie

  • Maak de yes-set

  • Kies een verdieping, werk hem uit

  • Kies of ontwerp een boodschap

  • Ontwerp een post-hypnotische suggestie, of gebruik de default

  • Bepaal de terugkeer.

  • Groepsgewijs gaan we de sessies uitvoeren en behandelen.

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *