Slagen voor multiple choice examens


Multiple choice examens zijn lastig samen te stellen. Dat zorgt er voor dat bij het verzinnen van foute alternatieven bepaalde patronen ontstaan, die als je ze kent kunnen zorgen dat je het juiste antwoord kan afleiden op een manier die voorbij gaat aan de kennis. Bijvoorbeeld als je weet dat het makkelijk is voor een docent om alternatieven te creëren door details weg te halen uit het goede antwoord. Of door de nuance weg te halen. Weet je een antwoord niet (zeker genoeg), probeer dan het antwoord te vinden middels deze 7 standaardpatronen, en vergroot de kans dat je slaagt:

  • Het langste antwoord is meestal goed.
  • Antwoorden met nooit of altijd (generalisaties) zijn bijna altijd fout.
  • Bij opsommingen zijn de items die bij verschillende keuzes voorkomen meestal goed en items die maar één keer voorkomen meestal fout.
  • Specifiek jargon gebruik geeft bijna altijd goede antwoord.
  • Soms is de stof te beperkt voor het aantal vragen, of wordt er gewerkt met random vragensets. Daardoor kan je soms door de informatie uit een andere vraag afleiden wat het antwoord moet zijn.
  • Wanneer je gokt: blijf bij je eerste antwoord en verander het antwoord niet meer, tenzij je een echt goede (logische) reden vindt.
  • Vul altijd een antwoord in; bij vragen die je echt niet kan afleiden gok je. Laat geen vragen leeg.

Ik zou je succes kunnen wensen, maar dat heb je nu niet meer nodig…

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *