NLP techniek: het waardeninterview


  1. Elicitatie
    1. Braindump. Wat is voor jou belangrijk in deze context? Wat nog meer? Blijf doorvragen. Minimaal 15 waarden (denk aan Miller’s law). Schrijf ze op willekeurige plaatsen op een flipovervel, kris kras door elkaar heen, om volgordelijkheden te voorkomen.
    2. Laat contact maken met een zeer gemotiveerde situatie in deze context, zoals een normale situatie uitvraag. Wat zorgde er voor dat je zo gemotiveerd raakte? Vraag naar de waarden die daarbij horen, en vul aan.
    3. Controleer de volledigheid met een Go/Stay loop.
      1. GO: als al deze waarden aanwezig zijn, is er dan iets dat je toch weggaat uit deze context…? Zo ja, wat is dat dan? Schrijf het eventuele antwoord op als nieuwe waarde.
      2. STAY: Als er geen [nieuwe waarde] is, wat maakt dat je dan toch zou blijven, in deze context…? Schrijf het eventuele antwoord op als nieuwe waarde.
      • Blijf GO and STAY herhalen totdat er geen nieuwe waarden komen.
  2. Zet de waarden in de juiste volgorde
    1. Nummer de waarden op de flip-over. Begin met 1, de belangrijkste. Simpele vragen als: Welke van deze waarden is voor jou de belangrijkste? En als je die zou hebben, welke zou dan het belangrijkste zijn?
      • Bij twijfel: Stel je hebt [noem alle waarden op de lijst], is [A] of [B] belangrijker voor je? Of Stel je hebt [noem alle waarden op de lijst]. Als je [A] niet hebt, echter je zou wel beschikken over [B], zou dat oké zijn voor je?
    2. Neem de waarden in volgorde (1 bovenaan) over op een nieuwe flipover.
  3. Controleer de abstractiegraad
    1. Doorloop de lijst top-down. De hoogste waarde moet de grootste upchunk zijn. Vraag bij elke waarde: Als je [Ad label waarde] hebt, heb je dan [Ad label direct lagere waarde]?
  4. Controleer de logica in de volgorde (syntaxis)
    1. Doorloop de lijst bottom-up. Vraag bij elke waarde: Als je [Ad label waarde] hebt, ondersteunt dat dan [Ad label direct hogere waarde]?
  5. Bepaal de motivatie richting (bereiken/vermijden) van de top 10, per waarde
    1. Kalibreer en let op congruente non-verbale communicatie tijdens deze uitvraag
    2. Laat contact maken: Wat betekent deze waarde, voor jou… Hoe weet je dat je [waarde] bent? Wat zorgt er voor dat jij je [waarde] voelt? Hoe weet je dat iemand [waarde] is?
    3. Waarom is deze waarde belangrijk voor jou? Waarom nog meer? Zoek naar bereiken en vermijden in taalgebruik
      • Ontkenningen
      • Vergelijkende weglatingen
      • Modale operatoren van noodzakelijkheid/mogelijkheid/waarschijnlijkheid
    4. Welke interne representatie heb je bij deze waarde?
    5. Eliciteer de flipsides: Wat is voor jou de flipside, het tegengestelde, van deze waarde?
    6. Waar en wanneer heb je voor het eerst deze flipside ervaren? Hoe jong was je? Waar was je? Ontdek of er nog onverwerkte negatieve emotie te verwerken is, en doe dat dan gelijk met een tijdlijn.
    7. Voor hoeveel procent is deze waarde gestuurd door bereiken, en hoeveel procent door vermijden? Laat een percentage geven, of een indicatie op een schuif van volledig bereiken tot volledig vermijden.
  6. Duidelijke vermijdende motivaties?
    1. Ja: oplossen met een tijdlijn of met de visual squash, gevolgd door een oefening ‘veranderde waarneming’, en helemaal terug naar stap 2
    2. Nee, en wel negatieve emoties met tijdlijn verwerkt: terug naar stap 2.
    3. Nee: verder met stap 7
  7. Los bereiken-bereiken conflicten op (waarden die met elkaar conflicteren of concurreren, die elkaar onmogelijk maken of bestrijden). Doe dit met een 6-step reframe of een visual squash.
  8. Controleer de hiërarchie
    1. Abstractiegraad
    2. Logica in de volgorde (syntaxis)
  9. Voeg toe of verplaats waarden in de hiërarchie met submodaliteiten.
  10. Controleer en future  pace

 

 

Waarden staan bovenaan in de hiërarchie, ze zijn het belangrijkste voor je, omdat je “het” nog niet hebt. Als je “het” hebt, zakt de waarde en wordt het een vooronderstelling.

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *